atthisVerantwoorde AI31 augustus 20268 min lezenMvG | Atthis AI redactie

AI-hallucinaties: waarom ze ontstaan en hoe je ze voorkomt in zakelijke output

Een AI-tool die vol overtuiging een niet-bestaand wetsartikel citeert. Een chatbot die een klant iets belooft wat niet in je voorwaarden staat.

Een AI-tool die vol overtuiging een niet-bestaand wetsartikel citeert. Een chatbot die een klant iets belooft wat niet in je voorwaarden staat. Wie generatieve AI zakelijk inzet, loopt een reële kans op hallucinaties: verzonnen informatie die klinkt als een feit.

Het goede nieuws: hallucinaties zijn geen mysterie. Ze hebben aanwijsbare oorzaken, en er bestaan concrete maatregelen die de kans erop aanzienlijk verkleinen. Dit artikel legt uit waarom AI-modellen hallucineren, waar de risico’s voor je organisatie zitten en welke stappen je vandaag kunt zetten.

Wat zijn AI-hallucinaties precies?

AI-hallucinaties zijn incorrecte of verzonnen uitspraken die een AI-systeem met schijnbare zekerheid presenteert als feit. Het onderscheid met een gewone fout zit in de verpakking: een hallucinatie klinkt geloofwaardig en past in de verwachte informatiestructuur.

Daardoor zijn ze zonder verificatie moeilijk te herkennen. Een taalmodel dat een verzonnen bronvermelding produceert, doet dat in hetzelfde format als een echte bronvermelding — inclusief plausibele auteursnamen en jaartallen.

Belangrijk om te beseffen: hallucinaties zijn geen bug die “even gefixt” wordt. Ze zijn een inherent gevolg van hoe grote taalmodellen werken.

Waarom hallucineert een taalmodel?

Waarschijnlijkheid, geen waarheidscriterium

Een groot taalmodel (LLM) heeft geen begrip van waarheid. Het voorspelt telkens welke tokens (woorddelen) waarschijnlijk volgen op basis van patronen in trainingsdata, en genereert tekst volgens een ingestelde strategie. Tekst ontstaat dus op basis van waarschijnlijkheid — niet op basis van een controle op feitelijke juistheid.

Ontbreekt de kennis om een vraag goed te beantwoorden, dan kan het model het gat vullen met tekst die plausibel klinkt. Dat gebeurt niet in alle gevallen — modellen kunnen ook onzekerheid uitspreken of een antwoord weigeren — maar er is geen ingebouwd, betrouwbaar mechanisme dat feit van verzinsel onderscheidt.

Groundedness: de kern van het probleem

Een nuttig begrip hierbij is groundedness: de mate waarin gegenereerde output daadwerkelijk gebaseerd is op aangeleverde, vertrouwde databronnen. Genereert een model content die nergens op gebaseerd is, dan is die ongegrond. Is die ongegronde content ook nog onjuist, dan spreek je van een hallucinatie.

Dit verklaart meteen de oplossingsrichting: hoe strakker je een model verbindt aan gecontroleerde bronnen, hoe kleiner de ruimte om te fantaseren.

Wanneer neemt het risico toe?

De kans op hallucinaties is in de praktijk vaak groter bij:

  • Vragen buiten de trainingsdata — nichekennis, recente gebeurtenissen, interne bedrijfsinformatie
  • Vragen om specifieke details — exacte cijfers, citaten, bronvermeldingen, wetsartikelen
  • Vage of sturende prompts — het model wil “meewerken” en levert dan sneller een plausibel klinkend antwoord dan een eerlijk “dat weet ik niet”

Waarom dit voor bedrijven een serieus risico is

In een zakelijke context zijn hallucinaties meer dan een ergernis. Ze vertalen zich in drie soorten risico.

Juridisch risico. Er zijn gevallen bekend waarin verzonnen AI-uitspraken tot juridische stappen leidden, waaronder een lasterzaak tegen een AI-aanbieder nadat een model iemand ten onrechte in verband bracht met verduistering. Ook onjuiste toezeggingen van een chatbot kunnen een contractueel of aansprakelijkheidsrisico vormen; of je organisatie eraan gebonden is, hangt af van onder meer de context, vertegenwoordiging, je voorwaarden en het toepasselijke recht. Laat je bij twijfel juridisch adviseren.

Reputatierisico. Een rapport, offerte of nieuwsbrief met verzonnen feiten kan het vertrouwen van klanten schaden — juist omdat de fout er professioneel uitziet.

Verkeerde besluitvorming. Hallucinaties zijn extra gevaarlijk wanneer output wordt gebruikt in klantinteracties of kritieke beslissingen. Een beslisser die op verzonnen cijfers vertrouwt, bouwt op drijfzand.

Daar komt bij dat artikel 4 van de AI Act — als onderdeel van de gefaseerd van toepassing wordende verplichtingen — sinds 2 februari 2025 van organisaties vraagt dat medewerkers die met AI werken over voldoende AI-geletterdheid beschikken. Welke maatregelen passend zijn, hangt af van context, kennis en risico. Weten wanneer je AI-output níét kunt vertrouwen, hoort daar nadrukkelijk bij.

Hoe herken je een hallucinatie?

Omdat hallucinaties geloofwaardig klinken, werkt intuïtie alleen niet. Wel zijn er signalen die je radar zouden moeten laten afgaan:

  • Zeer specifieke details zonder aanwijsbare bron — exacte percentages, citaten, namen, jaartallen
  • Bronvermeldingen die je niet kunt terugvinden — controleer verwijzingen zelf voordat je ze overneemt
  • Antwoorden op vragen waarvan je vermoedt dat het model de kennis niet kán hebben — interne processen, recente ontwikkelingen, nichedomeinen
  • Een stellige toon bij een onzeker onderwerp — modellen tonen niet altijd uit zichzelf onzekerheid; hoeveel nuance je krijgt, verschilt per model en per prompt

De praktische vuistregel: behandel AI-output als een eerste versie van een nieuwe collega. Vaak best goed, maar je stuurt het niet zonder eigen oordeel naar buiten.

Vijf maatregelen die hallucinaties structureel verminderen

Volledig uitsluiten kan momenteel niet: omdat taalmodellen probabilistisch werken, blijft er altijd een foutkans groter dan nul. De combinatie van onderstaande maatregelen kan hallucinaties voor veel zakelijke toepassingen wel terugbrengen tot een beheersbaar niveau — hoeveel precies, hangt af van de taak, de datakwaliteit en de implementatie.

1. Laat het model antwoorden op basis van je eigen documenten (RAG)

Een van de belangrijkste technische maatregelen is retrieval-augmented generation (RAG): een aanpak waarbij het model bij elke vraag eerst relevante passages uit jouw gecontroleerde documenten opzoekt en het antwoord daarop baseert. Het model raadpleegt dus je documenten, in plaats van te leunen op wat het “ooit geleerd heeft”.

Let op het verschil met fine-tuning. Fine-tuning helpt een model de stijl en terminologie van jouw domein aan te leren, maar garandeert geen feitelijke juistheid: bij vragen buiten de trainingsdata kan het model alsnog hallucineren. Voor feitelijke grounding wordt RAG daarom in de praktijk vaak verkozen boven fine-tuning — al bepalen je toepassing en datakwaliteit wat in jouw situatie past.

2. Beperk de creatieve vrijheid van het model

Technische instellingen zoals een lage temperatuur (de parameter die bepaalt hoeveel variatie het model toestaat) maken de output consistenter en voorspelbaarder. Dat is geen garantie voor feitelijke juistheid, maar in combinatie met RAG kan het de kans op verzinsels voor veel zakelijke toepassingen aanzienlijk verkleinen — controle blijft nodig.

3. Schrijf prompts die eerlijkheid afdwingen

Hoe je een vraag stelt, beïnvloedt de betrouwbaarheid van het antwoord. Bruikbare technieken:

  • Geef expliciet de instructie: “Als je het niet weet, zeg dat dan.”
  • Vraag om bronvermelding per claim, zodat je gericht kunt verifiëren.
  • Lever context mee in plaats van te vertrouwen op de “kennis” van het model.
  • Vermijd sturende vragen die het model uitnodigen om je aanname te bevestigen.

4. Bouw menselijke controle in waar het ertoe doet

Bepaal per toepassing hoeveel controle nodig is. Een interne brainstorm kan meestal met lichte controle toe; bij een klantmail, juridische informatie of medische onderwerpen is menselijke beoordeling vóór verzending een verstandig beleidsuitgangspunt. Hoeveel controle nodig is, hangt af van het risico, de toepassing en de regels die op jouw sector van toepassing zijn.

Leg vast wie output controleert, waarop gecontroleerd wordt en wat er gebeurt bij twijfel. Zonder heldere afspraken bestaat het risico dat controle in de praktijk uitblijft.

Een compacte checklist voor het MKB:

  • Wijs een eigenaar aan per AI-toepassing, die verantwoordelijk is voor kwaliteit en beheer.
  • Leg vast welke bronnen toegestaan zijn als basis voor antwoorden.
  • Organiseer steekproefcontroles op output, ook als het “goed lijkt te gaan”.
  • Registreer incidenten — elke gesignaleerde hallucinatie is leermateriaal.
  • Laat hoog-risico-output altijd goedkeuren door een mens vóór verzending.

5. Investeer in AI-geletterdheid van je team

Hoe meer medewerkers met AI werken, hoe scherper hun radar wordt. Ze leren herkennen waar modellen tot plausibele onzin verleid worden en hoe je prompts schrijft die de kans op hallucinaties verkleinen. Dat is geen mystieke vaardigheid — het is trainbare vakkennis, en zoals gezegd iets waar artikel 4 van de AI Act organisaties ook toe aanzet.

Van risico naar volwassen gebruik

Hallucinaties zijn geen reden om AI links te laten liggen. Ze zijn een reden om er volwassen mee om te gaan. Organisaties die dit goed aanpakken, werken op drie fronten tegelijk:

  1. Technisch: ze verbinden AI aan eigen, gecontroleerde bronnen (RAG) in plaats van te vertrouwen op algemene modellen zonder grounding.
  2. Procesmatig: ze bepalen per toepassing het risiconiveau en richten daar de menselijke controle op in.
  3. Menselijk: ze trainen medewerkers om output kritisch te lezen en verdachte details te verifiëren.

Deze onderdelen vullen elkaar aan: een technisch goed ingericht systeem zonder kritische gebruikers blijft kwetsbaar — en andersom geldt hetzelfde.

Je eerste stap

Begin klein en concreet: kies één AI-toepassing die je organisatie nu al gebruikt of overweegt, en beantwoord drie vragen. Wat is de schade als de output een verzonnen feit bevat? Op welke bronnen is het antwoord gebaseerd — en zijn dat jouw gecontroleerde, actuele documenten? En wie controleert de output voordat die naar buiten gaat?

Kun je een van deze vragen niet beantwoorden, dan weet je waar je moet beginnen. Voor toepassingen met klantcontact of feitelijke output is een opzet waarbij het model antwoordt op basis van je eigen documenten, gecombineerd met een helder controleproces, meestal een verstandige basis. Besteed daarbij ook aandacht aan bronkwaliteit, toegangsbeheer, testen vóór livegang, logging en het actueel houden van je documenten — betrouwbare zakelijke AI is een samenspel van die factoren, niet één losse maatregel.